Marketing van Consultancy Services
Theres no business like new business
Marketing staat voor market getting. De ontwikkelingen van de laatste jaren tonen aan dat consultants dit letterlijk nemen. De markt wordt gekenmerkt door overnames en fusies en een steeds agressievere marktbewerking. Ook betreden veel adviesbureaus nieuwe wegen, door bijvoorbeeld allianties aan te gaan met advocaten en notarissen of software-producenten (SAP; BAAN-company). Kleine aanbieders in de markt profileren zich meer en meer en kunnen niet al te lang teren op een bestaand netwerk. Welke ontwikkeling op marketing-gebied zijn op de Nederlandse consultancy markt te onderkennen? Wat zijn de expliciete en vaak impliciete marketing strategieën van de afzonderlijke kantoren. Gaat het nu om de vent, of toch uiteindelijk om de tent [ De keuze voor vent is hier geheel ingegeven door de mogelijkeheid tot verdichting. Vrouwen worden voor een keer onder deze noemer opgenomen..] ?
Zoeken naar nieuwe wegen
De essentie van de marketing ligt in het verkrijgen en behouden van een winstgevende klantenkring. Continuïteit speelt hierbij een belangrijke rol. Gekscherend wordt wel eens gesteld dat in principe alle adviesbureaus een half jaar voor hun faillissement staan. Produceren op voorraad is immers niet mogelijk. Dat dit niet ver bezijden de waarheid is, blijkt wel uit het feit dat 50% van alle faillissementen in Nederland wordt veroorzaakt door ondernemingen die zich op de een of andere wijze bezighouden met advisering.
Ondanks deze wetenschap hebben
veel partners / directeuren in professionele organisaties nog
steeds een negatieve houding inzake marketing en marktbeleid. De
bezwaren liggen vaak op het vlak van ethische bezwaren (for
others but not for me), de angst voor reputatieverlies of
in een sterke inhoudelijke gerichtheid op het eigen
vakspecialisme. Niets is dan makkelijker dan de marketing
activiteiten dan uit te besteden aan derden of aan een interne
afdeling. Marketing verwordt dan al snel tot het produceren van
een steeds weer nieuwe stroom van brochures en folders, waarvan
eigenlijk iedereen weet dat die uiteindelijk niet tot opdrachten
leiden. Zo ontstaat een sterke neiging tot vervlakking en
naäperij. Waar blijft de uniciteit in de markt? Of is marketing
dan toch het zoeken naar de grootste gemene deler?
De P van persoonlijk contact
Wat vaak wordt vergeten is dat marketing niet alleen het creatief invulling geven aan de marketing-mix is (produkt, plaats, prijs, promotie en personeel: de 5-Ps van de zakelijke dienstverlening), maar veeleer de kunst van het afstemmen van het aanbod op de vraag. En juist in het vinden van die afstemming blijft het persoonlijke contact een belangrijk facet.
In M&O Consultancy Monitor nr. 2 staat dit helder beschreven in het interview met Pieter Elverding, lid van de raad van bestuur van DSM: "Men bedrijft het type marketing dat maakt dat men wat dichter bij het vuur komt. Dat is niet het soort acquisitie-onderzoek of evaluaties waar wij het eerder over hadden. (....) Het gaat on een vorm van account management die tot niets verplicht, maar die enigszins uitnodigend werkt en vaak ook interessant voor ons is. Men belegt afspraken, maar niet vrijblijvend. Je weet waar het over gaat: altijd over een probleem of een nieuwe ontwikkeling in de business. En men komt met een paar A4-tjes of vijf sheets, die altijd gaan over DSM".
Dit verklaart het succes van
ontbijtsessies, korte seminars en produktpresenaties bij klanten.
Een methodiek die inmiddels bij alle grote kantoren in meer of
mindere mate wordt toegepast: van powerpacks (sterk inhoudelijke
informatiepakketten over een specifiek onderwerp) bij Moret tot
pro-actieve presentaties bij McKinsey.
De Gouden Rolodex
Van de ROA kantoren is het met name Verdonk, Otten, Dik en Wiegerink (VODW) dat zich heeft gespecialiseerd in marketing & strategie. Uit de informatie op hun website blijkt echter dat men op het gebied van de professional services nauwelijks informatie biedt. Wel kan worden afgelezen dat database-marketing de trend van het moment is. Doel hiervan is het steeds effectiever en efficiënter uitnutten van de bestaande en potentiële clientèle, de klantendatabase.
Inmiddels is vrijwel elk groot
consultancy kantoor in het bezit van een redelijk werkend
klantsysteem. Toch blijft de operationalisering van dergelijke
omvangrijke systemen een moeilijk punt. De bestanden verouderen
snel en vereisen, zeker bij grote kantoren, een ijzeren disipline
van de accountmanagers. Toch lijkt het gebruik van databases en
de kruisbestuiving van de diverse disciplines in grote kantoren
(accountants, consultants, fiscalisten, automatiseerders,
juristen, overige dienstverleners) steeds sterker te worden.
Direct mailings, uitnodigingen voor seminars, attent maken op
nieuwe producten en publicaties, nieuwsbrieven: het zijn
elementen in de marketing mix van de consultancy kantoren die
niet meer weg zijn te denken.
In dit kader wordt weleens
gesproken over de gouden rolodex, een referentie aan
het eenvoudige kaartensysteem dat jarenlang voldeed en de basis
vormde voor menig succesvolle praktijk. Het automatiseren van
deze kaartsystemen biedt kantoren een unieke mogelijkeid zich
continu en gericht bij klanten te profileren.
Het Alumni-netwerk
Daarbij valt een verschuiving te
constateren van marketing van diensten door middel van een
informeel netwerk naar een vergaande formalisering hiervan. Een
voorbeeld hiervan is de wijze waarop McKinsey de zaken aanpakt.
Het wegzetten van voormalige McKinsey medewerkers in
het bedrijfs- en overheidsleven leidt tot een sterke binding van
opdrachtgevers met hun voormalige werkgever. Deze binding wordt
in stand gehouden door middel van de jaarlijkse McKinsey-Alumni
dag, een jaarlijkse bijeenkomst waarbij huidige en voormalige
medewerkers van McKinsey samenkomen. Ook de McKinsey quarterly
(een kwalitatief hoogstaand periodiek) en de garden party bij
voormalige directors houden het netwerk in stand.
Continuïteit
Een zwak punt van netwerken is de
vaak beperkte levensduur hiervan. Historisch gezien hebben
met name de accountants altijd al een sterke grip op
dienstverlenende markt gehad, omdat zowel om fiscale als
juridische redenen de inzet van de accountant jaarlijks benodigd
is. Daarbij heeft deze beroepsgroep de markt goed afgeschermd
door, met name in Nederland, zeer hoge toetredingsbarrières op
te werpen. Continuïteit van de afname van de diensten was en is
zodoende een van de sterke aspecten van de accountancymarkt. Wat
is mooier dan dit sterke punt over te brengen op de van oudsher
instabiele consultancymarkt?
Professionele kruisbestuiving: de full service bureaus
De accountantsmarkt kan als verzadigd worden beschouwd. Groei zal in deze dienstverlening nauwelijks ontstaan. Op basis van hun volume en macht bij de klant, kunnen de fullservice kantoren producten verkopen met een hogere toegevoegde waarde dan alleen accountantscontrole. Om de prijsdruk te kunnen weerstaan wordt vaak laag ingezet op het standaard controle produkt, met als voorwaarde dat een groot deel van het consultancy werk in handen van hetzelfde kantoor wordt gespeeld.
De belangrijkste markt-trend van
de afgelopen jaren is dan ook die van de steeds verdergaande
full-service strategie van de grote accountantskantoren: KPMG,
Coopers & Lybrand en Moret Ernst & Young en Arthur
Anderson zijn hierbij de belangrijkste spelers. Van de big
six accountancy kantoren lijken Deloitte en Touche en Price
Waterhouse in Nederland hierbij de boot goeddeels te hebben
gemist.
One size fits all
Met fullservice wordt het aanbieden van een breed productaanbod bedoeld, waarmee aan vrijwel alle vragen van de klant kan worden voldaan. Op deze wijze blijven bij veel grote bedrijven nog slechts kruimels over voor de concurrentie. En juist deze klanten zijn lucratief. De klant is bezit geworden van de adviseur, en zal in veel gevallen voor vrijwel alle services de huidige leverancier een preferred supplier status geven. Ook zal een overstap van het ene naar het andere advieskantoor steeds groter worden. Tenslotte, als niet alleen de accountant, maar ook de juristen, notarissen en IT-specialisten van een en hetzelfde kantoor afkomstig zijn, wat rechtvaardigt dan nog een overstap? De vaak gemiddelde kwaliteit die dan in huis wordt gehaald wordt dan ook niet als storend ervaren.
Ook vreemde eenden in de bijt komen daarbij steeds meer voor: advocatenkantoren worden opgekocht, bureaus voor beleidsadvisering en economische argumentatie (BEA) en headhunters/personeelsselectie (Ebbinge). Opvallend is dat deze bureaus vaak onder eigen naam blijven werken. Onafhankelijkheid staat tenslotte hoog in het vaandel!
Bij full service kan echter ook
een onderscheid worden gemaakt tussen full service op vrijwel
alle dienstverlenende activiteiten, zoals bij Moret en KPMG en
full service op alleen adviesgebied. Hier raken wij aan kantoren
als Berenschot, TwijnstraGudde en de Holland Consulting Group.
Tegen de verdrukking in blijven deze bureaus zich volledig op de
kerntaak consultancy richten, zonder directe links of
partnerships met accountants en/of juristen.
Product of marktgericht
Wil de klant een product van de adviseur kopen of wil de klant dat de adviseur de markt waarin hij of zij opereert goed kent? Tenslotte, een veranderingsproces bij een waterleidingsbedrijf gaat anders in zijn werk dan in de olie-industrie, de handel of in het MKB.
De productbenadering komt men vaak
tegen bij de kleinere kantoren. Deze hebben niet het volume om
zich specificiek te richten op een deelmarkt. In veel gevallen
moeten deze kantoren zich juist zo breed mogelijk opstellen om
het hoofd boven water te houden.
Het prijskaartje van specialisatie
Naast de fullservice kantoren blijft een grote markt bestaan voor gespecialiseerde bureaus. Juist hier bevinden zich enkele gerenomeerde namen, zoals McKinsey (strategie), VODW (marketing) en GITP (sociaal-psychologische advisering). Deze kantoren kunnen een behoorlijke omvang aannemen, waarbij vaak sprake is van zon 100 medewerkers. De roem snelt deze kantoren vaak vooruit, (en wordt zorgvuldig gecultiveerd) waardoor de prijsstelling zeer lucratief kan zijn. Hier is het vaak de tent en veel minder de vent.
De specialisatie biedt deze kantoren de mogelijkheid de vaak dichtgemetselde bastions van de fullservice kantoren te doorbreken. De klant kan zonder gene zeggen dat de kwaliteit van deze kantoren op de genoemde vlakke hoger ligt.
De bovenstaande analyse heeft zich
met name gericht op de wijze waarop de organisaties
gestructureerd zijn en zich in algemene zin positioneren in de
markt. Toch blijkt dat het individu ook kans van slagen heeft, al
is dan wel sprake van vaak zeer uitzonderlijke persoonlijkheden.
De vent
De shake out van het afgelopen decennium heeft veel boventallige managers ertoe gedwongen het consultancy vak uit te gaan oefenen. Dat managen iets anders is dan consultancy is daarbij voor slechts weinigen een beletsel geweest. Toch zijn een aantal eenpitters inmiddels landelijk beroemd. De voormalig topmanager van Vendex, Arie van der Zwan is zon succesvolle eenpitter, die onder meer het onderzoek naar het verliesgevende Gemeentelijk Vervoer Bedrijf te Amsterdam heeft begeleid. Hier is het toch echt de vent en niet de tent. Dat hij wordt ondersteund door een groep assistenten leidt geen twijfel, maar het is Van der Zwan die de kar trekt. Uitgebreide profilering in de media biedt Van der Zwan de mogelijkheid zeer lucratieve opdrachten binnen te halen.
Een ander fenomeen is de uit
Amerika overgewaaide rage van succestrainers en motivatie-goeres.
Met andere woorden: de Emile Ratelbands van deze tijd. Succesvol,
vaak zeer vermogend (in de zin van: financieel), maar met argwaan
bekeken door vakbroeder en -zusters. deze adviseurs maken vaak
veel los bij mensen en organisaties. Hoe structureel hun effecten
zijn is nauwelijks bekend of meetbaar. Toch vervullen ze een
bestaande behoefte en lijkt de bestaande scepsis (vooral van
degelijke advisuers)niet geheel terecht. De boodschap
van deze motivatie-kruisridders is vaak helder en eenvoudig en
gericht op een breed, lees organisatie-breed, publiek. Daarbij
presenteren zij hun boodschap met verve. En daar is niets mis
mee, want aan de presentatie-techniek van veel adviseurs lijkt
nog veel te schorten..
Publish or perish
Een kenmerkend aspect voor
dergelijke coonsultants is de voorliefde voor publiciteit.
Daarbij schrijven zij vaak met enige regelmaat en ligt jaarlijks
wel een boek in de etalage. In de consultancywereld geldt
tenslotte al langer het adagium: publish or perish. Naast de
McKinsey Quarterly kan inmiddels ook de uitgave Strategy and
Business van Booz, Allen & Hamilton in de rekken van menig
boekhandel worden teruggevonden. Tegen beperkte kosten wordt zo
een naam opgebouwd. En juist die naam is vaak veel waard in de
markt. Ook de uitgifte van boeken, waar vaak de gehele eerste
druk op eigen kantoor wordt verspreid, leidt tot autoriteit en
een kwaliteitsimago. Het is makkelijker een adviseur te verkopen
met een goed lopende titel achter zijn of haar naam, dan een
relatieve nobody.
The discipline of consultants
Hoe ver dit kan gaan, bewijst wel
de publicatie van The discipline of market leaders
van Treacy en Wiersema. Na het succes van het boek over
re-engineering dacht CSC-index weer een klapper in huis te
hebben. Om het succes een handje te helpen werd het boek driftig
ingekocht, door de eigen organisatie wel te verstaan. Althans,
dat was de beschuldiging die werd geuit door Business Week. Een
en ander geeft wel aan dat de effecten van een goedlopende titel
enorm kunnen zijn en veel omzet kan genereren.
Conclusie
Een potentiële afnemer van consultancy diensten wordt op velerlei wijze beïnvloed. Een voordeel hierbij is dat de consultancymarkt sterk groeiende is. Dat biedt een bonte parade aan dienstverleners de mogelijkheid zich op onderscheidende wijze te profileren. Daarbij kan een aantal categorieën worden onderscheiden: full-service bureaus; gespecialiseerde kantoren op product of markt, full-service consultancy kantoen, multinationale firmas en eenpitters.
Een ijzeren regel voor succesvolle marketing is niet te geven. Wel blijkt dat al te handig gebruik maken van de kracht van publiciteit uiteindelijk tegen de organisatie kan werken. Het cultiveren van een naam staat zodoende vaak bovenaan de agenda van consultancy bureaus. Het opbouwen van deze naam kost tenslotte veel tijd en geld. Daarin wordt geïnvesteerd door het leggen van contacten (netwerken); het publiceren; de uitreiking van prijzen (bijv. de C&L Igor Ansoff Strategic Management Award en de AT Kearney Fabriek van het jaar).
In veel gevallen blijkt dat marketing in de consultancy een kwestie is van frappe toujours. En zolang wij onze klanten leren pro-actief te zijn, zolang zal de consultant zelf het goede voorbeeld moeten geven.
| Full
service (alle diensten) |
Full
service (alleen consulting) |
Productgericht | markt | multinational |
| Moret, Ernst & Young | Berenschot | McKinsey (strategie) |
BDO-Camps Obers (MKB) | AT Kearney |
| KPMG | Twijnstra | GITP (HRM-psychiologie) |
IKON (overheid) |
Price Waterhouse |
| Coopers & Lybrand | Holland Consulting Groep | VODW (marketing) Hay (HRM) |
KEMA (elektriciteits bedrijven) |
Deloitte & Touche |
| Arthur Anderson | Cost
Reduction Consultancy (kostenreductie) |
Boston Consulting Group | ||
| Cap Gemini |
[_private/footer.html]